Vallen en opstaan

Ein-de-lijk was het dan zo ver, de vrieskou had ook Nederland bereikt afgelopen weekend. Waar de toertochten tot november grotendeels over dorre zanderige gronden gingen en de laatste maanden enkel over modder en zuigende ondergrond was het nu tijd voor kneiterharde bevroren ondergrond. Een garantie voor razendsnelle en vaak technische tochten. En zo’n tocht, die zou er komen.


Deze zondag besloten we met de harde kern Chulo, Elstak, Thiel en Suijk richting het pittoreske Brasschaat te trekken. Het plaatsje waar de beroemde Belg Jean-Marie Pfaff woonachtig is en waar precies 400 jaar geleden na de pestepidemie nog maar 29 families leefden (Wikipedia, bedankt). De autoruiten moesten serieus gekrabd worden, want het had tot maar liefst 6 tot 7 graden gevroren.


Nadat Suijk door smerige omstandigheden 10 minuten te laat was bij Thiel (een kat had in de gang zitten schijten en wist daarbij de deurmat, het laminaat en een plint te raken) konden de mannen goed gehumeurd de E19 op rammen in de sterk vervuilde/vervuilende Clio. In de auto bleek al snel dat de Thiel niet helemaal zichzelf was. Hij klonk twijfelachtig over zijn vorm en had angst voor zijn tere handjes in deze vrieskou. Het duurde even voor het hoge woord eruit was: Thiel was zenuwachtig. Zenuwachtig vanwege de kou en nog zenuwachtiger voor het geweld wat plaats zou gaan vinden over die bevroren ondergrond.


Om 09.29hr arriveerde de club in Brasschaat en werd er vooral heel erg geklaagd over hoe ontzettend koud het wel niet was. Echt heul heul koud was het, gewoon nie-mir-normaal koud. In de slordige voorbereiding zoals we van Thiel gewend zijn was hij ‘vergeten’ zijn banden om te pompen. Hij draait inmiddels al een tijdje mee maar hij is te gierig om een fietspomp voor zichzelf te kopen, wat een figuur. Laten we niet overdrijven en zeggen dat er nog zeker 1 bar in zijn voorband zat en 0.7 bar in zijn achterband. Nadat hij zijn 2 lagen kleding had aangetrokken (meer lagen is voor mietjes!) kon hij naarstig op zoek gaan naar een pomp. De arme Belg die geparkeerd stond naast hem gaf uit een soort van geforceerde beleefdheid zijn kleine fietspomp ter beschikking. De beste man had naar eigen zeggen de pomp nooit gebruikt en dat bleek ook, want de pomp was incompleet en werkte niet. Thiel schroefde braaf de pomp weer terug op de fiets van de man. Uiteindelijk kwam het toch goed via een andere sympathieke Belg en kon er omstreeks 09.45hr als eerste door Chulo vertrokken worden om de paden goed in te rijden voor zijn ploegmakkers.


Een aantal minuten later vertrokken een gretige Elstak en Suijk met een wat minder gretige Thiel. Door zijn getoonde onzekerheid en het geklaag over de kou had Thiel het vuurtje extra aangewakkerd bij Suijk. Vrijwel meteen werd de kop opgeëist door Suijk en werden de eerste kilometers met een hoog tempo afgeraffeld over de aangevroren grindpaden. Thiel kraakte, maar brak niet. Elstak reed solide in het wiel mee, geen centje pijn. Nadat het eerste kwartier de longen tot maximaal waren opgeblazen nam Elstak over en bepaalde hij het tempo. Thiel deed ook nog braaf zijn beurtje maar Suijk liet vanaf dan de koppositie over aan Elstak. En beetje bij beetje werd het tempo opgeschroefd en moest na zo’n 10 kilometer Thiel in 2e positie een gat laten van 2 meter, 3 meter, 4.. 5… ‘Suijk rij maar jongen’. Geslepen als Suijk is reed hij niet direct het gat dicht maar at hij eerst het bordje van de Thiel leeg. Suijk ging Thiel voorbij toen het gat 10 meter werd en Thiel moest passen. Elstak leek te voelen wat er gebeurde en hield in op een volgende strook asfalt. Suijk sloot aan en weg waren zij met 2, op naar Chulo!


Op het asfalt deed Elstak stoempend zijn werk en probeerde Suijk in het bos zijn beurten te doen. Aan de stijl was te zien dat hij op het maximum van zijn kunnen reed. 2 opeenvolgende glijpartijen konden gecorrigeerd worden maar de 3e was er teveel aan: Suijk ging hard onderuit op een bevroren grindpad. Knie, heup en elleboog werden goed geraakt maar nog geen 10 seconden later was hij met Elstak weer onderweg. Het tempo zat er snel weer in en Thiel leek weinig te kunnen profiteren van de val, want hij wist niet aan te sluiten.


Even later was de beurt aan Elstak: hij reed rustig op een bocht af in het bos en uit het niks gleed hij onderuit. Met zijn lange gestel probeerde hij zijn val nog sierlijk te breken maar dat mislukte. Suijk schrok en gleed ook onderuit. Samen lagen ze gebroederlijk (bijna lepeltje-lepeltje) naast elkaar maar ook nu kon de rit weer snel vervolgd worden. Thiel wist opnieuw niet te profiteren en kon niet aansluiten (hij bleek later zelf ook te zijn gevallen). Wat volgde was een file over een lange single track die ons zou leiden naar het rustpunt. Thiel stond er als eerste (hij sneed het laatste stukje af), Suijk en Elstak daarop volgend en Chulo even later de club compleet makend. Grappig feitje was dat Elstak en Suijk nog over een fietspomp heen waren gereden. Later bleek dat dit de pomp was van die arme Belg die hij aan Thiel had uitgeleend. De pomp die Thiel zelf weer had ‘gemonteerd’ aan de fiets van de man. Scusi!


De wonden en de beschadigde fietsen werden getoond maar het plezier was er niet minder om. Het eerste deel van de tocht werd met zo’n 25 km/h gemiddeld afgeraffeld en later bleek op Strava dat Elstak ondanks de valpartijen zelfs de KOM wist te pakken (160 metingen). De goesting bleek bij alle 4 alleen maar groter te worden en snel gingen ze weer op pad voor de laatste 20km. Elstak bepaalde het tempo en al snel werden er gaten geslagen. Chulo koos zijn eigen tempo en Thiel moest het op de technische stukken even laten lopen. Suijk kon op zijn tandvlees een paar kilometer mee met Elstak maar moest na een paar handige inhaalmanoeuvres van Elstak toch passen. Elstak reed gestaag weg en op 5km voor het einde sloot Thiel definitief weer aan bij Suijk.


Elstak zou solo finishen met een gemiddelde van zo’n 26 km/h (4e snelste tijd over de hele tocht op Strava, zonder pauze was het gegarandeerd weer een KOM). Thiel en Suijk finishten iets later dan een minuut met daarachter Chulo. En bij de finish bleek waarom Chulo ‘de patron’ wordt genoemd. Met zijn hartslag nog op maximaal stormde hij af op een kraampje met ‘jeneverkes’. Hij nam daar met zijn stinkende handschoenen een jeneverke in de hand en klapte deze (na een bijna val uit stilstand) in 1 keer achterover. Stelletje mietjes! Het respect voor Chulo was al oneindig dus deze actie bevestigde dit alleen maar.


Na snel te hebben gesoigneerd werd er met de groep traditioneel afgesloten in een iets te zweterig en klam lokaal zoals ze dat alleen in België hebben. Er werden 4 Belse broodjes met worst, zuurkool, curry en een soort wasabimosterd besteld. Door de tongen die in brand stonden moest er met een paar tripels worden afgeblust. Tevreden keerde men huiswaarts om met ongekende goesting weer uit te kijken naar de volgende tocht in Wechelderzande. Tot dan!


47 keer bekeken

Recente blogposts

Alles weergeven

HDR hoogtestage in Limburg

20 Juli, de dag die bij vele HDR-renners al weken dik omcirkeld stond in de agenda was eindelijk daar. Ondanks de sneeuw, kou en lekke banden van de vorige Limburgse trainingsstag was de goesting er g

© 2019 door WV Houdierust.

  • White YouTube Icon
  • White Instagram Icon